Ik ben dit blog ooit begonnen bij mijn eerste sabbatical in 2008 (Bolivia, Peru en GR11) en heb hier ook verslag gedaan van de 2000 km GR7 (2016). Voor de talloze kleinere tochten van 1-4 weken die ik jaarlijks doe, heb ik niets vastgelegd, en helaas ook niet van de bijzondere als de JMT en een stukje PCT. Ik gebruik dit weblog nu als ik de tocht de moeite vind. Recent was dat voor de Camí de Cavalls op Menorca (2024) en de laatste 650 km van de GR10, die van Valencia naar Lissabon (2025). Vanaf januari 2026 staat de GR1 op het programma: van Sant Martí de Empúries aan de Middellandse Zee naar Puerto de Tarna in de Picos de Europa.

donderdag 19 februari 2026

Ahora festejamos ...

Het is echt nog steeds niet aangenaam om nu te kamperen. Het bos is vochtig en vaak steil, en de agrarische plekken modderig en ook in het zicht. Ik heb niets tegen slapen met nachtvorst tegen de ochtend als mijn tent en ik direct daarna weer kunnen opwarmen in de zon. Maar het is in de avond en nacht nu te lang koud, vochtig en donker. Doe mij maar een kamer, hoe simpel ook.

Dus tot nu toe kon ik alles van de GR1 lopen door creatief te zijn met logies, openbaar vervoer en taxis. Dat vergt wat denk- en uitzoekwerk en wat geluk. Maar nu zat de lokale taxichauffeur vol en leek een essentiële overnachting in Cambrils niet mogelijk. Camping en Ca l'Agusti waren vol (weekend!). Bij Fonda Casanova had ik al het webformulier ingevuld, een WhatsApp en een email gestuurd (geen reactie) en op het mobiele nummer kon ik alleen een voicemail inspreken. Maar teneinderaad probeerde ik vanochtend nog 'old school' een vast telefoonnummer te bellen, met succes, en door een slimme logistieke zet via de taxi in Solsona heb ik de komende drie loopdagen tot Oliana rond gekregen. Net als je denkt dat je het echt niet meer aan elkaar gebreid krijgt, lukt het dus toch. Tijd om te vieren!










Ik heb nu twee rustdagen in Sant Llorenç, als gevolg van de gevonden accomodatieoplossing. Niet erg. Ik ga even terug naar het tempo van de dorpssenioren.









Het is trouwens best koud. Het voelt soms nog echt als winter. Ik zag ook diverse auto's langsrijden met skis op het dak, afkomstig van Port del Comte hier vlakbij. Fijn dat ik een donsjas bij me heb!

Naar Sant Llorenç de Morunys

Waar was ik gebleven? Ik moest van Masía El Pujol naar Sant Llorenç de Morunys en wilde dat in twee delen doen. Dat kon omdat ik ontdekte dat op 1,2 km van de route een weg lag met eenmaal per dag een bus (uiteindelijk heb ik gelift, maar dat terzijde).

Beide dagen kenden substantieel verharding, maar vooral prachtige smalle paden en mooie uitzichten.  

De eerste dag ging eerst over pista door het stille Vall d'Ora met het ruisende riviertje Aigua d'Ora als enige geluid. Uitzicht kreeg ik op het klooster van Sant Père de Graudescales in de diepte van de kloof en op de Sierra de Cadí in het noorden.

Vanaf Llinars mocht ik de bospaden op. Na Sant Esteve de Sisquers was er weer een lekkere portie door koeien aangestampte modder.

Door de bestuurder van de lift vanaf de weg bij Valls (Guixers) weet ik nu dat deze omgeving bekend staat om zijn kalkovens, hornos de yeso. Ik begreep daardoor pas in tweede instantie waarom er langs de weg een officiële wegwijzer stond met 'Knauf' erop. Het is de enige industrie in de omgeving van het kleine Sant Llorenç de Morunys.












































De tweede dag ben ik vanwege het terrein tegen de richting in gelopen, dus vanuit Sant Llorenç oostwaarts. Daardoor kon ik beginnen met steile rots- en bospaden naar de Roca de Guixers, die nou eenmaal lekkerder zijn om over de stijgen dan langs te dalen. Ik hoorde en zag onderweg de activiteiten voor het winnen van kalksteen. 

































































Op het hoogste punt lagen nog wat plukjes sneeuw. Koud was het ook, toen ik niet meer omhoog hoefde te stomen. De afdaling over langdurig asfalt was op den duur wel vervelend, maar ik had veel plezier gehad van het klimmen op de heenweg. 

De lift langs de weg kwam relatief snel en leverde weer een leuk gesprek op. Van deze man begreep ik ook nog dat het woord voor kalk in het catalaans 'guixers' is, meteen de logische naam van de gemeente. Hij wist op zijn beurt weer niet dat kalkovens een eeuwenoude geschiedenis hebben van ver voor Knauf en moderne cementfabrieken. Ik kon hem vertellen dat ik bijvoorbeeld in de bossen van Mallorca vele 'forns de calç' had gezien.










Terug in Sant Llorenç kon ik goed zien hoe ik gelopen was. De Roca de Guixers ligt in met midden van de foto.

dinsdag 17 februari 2026

Wat een voorspelling ...

Voorlopig geen oponthoud door regen, lijkt het. Wat een geluk!



maandag 16 februari 2026

Masía El Pujol

Een dag in drie delen met een heerlijke finish.

Vanuit L'Espunyola ging het (grotendeels zeer) steil  omhoog naar Capolat en dat ging me makkelijk af. Het was heerlijk om weer over wat uitdagender rotspaden omhoog te gaan en ik voelde warempel opeens een druppel zweet langs mijn gezicht zakken. 




















































Daarna had ik een alternatieve route over asfalt gekozen in plaats van de officiële GR1 over een rotsachtig en soms wiebelig pad over de bergkam van de Tossals. Als ik al twijfel had over mijn 'laffe' voornemens, later kon ik aan de sneeuw op lagere hoogte zien dat op de Tossals nog volop sneeuw moest liggen. Dat kon ik missen als kiespijn. Op dat asfalt was het gewoon doordouwen, niet leuk, maar behalve één tegemoetkomende fietser was het heerlijk stil en de natuur en de uitzichten mooi. 




















Deel drie was andere koek. Vanaf Cal Bertran begon de afdaling naar Sant Lleir en mijn slaapplek in de Vall d'Ora. Het begon mooi en geleidelijk door het bos, maar daarna werd de afdaling ontzettend steil en pittig (en dus heb ik er geen foto's van). Met lastige afstappen, veel losse stenen en losgewaaide takken ... het was een aanslag op mijn voeten. 



































Maar ruim voor drieën was ik in Masía El Pujol, een groot boerderijlandhuis met overnachting tegen half pension. Speciaal voor mij stonden ze op een ongebruikelijk vroeg tijdstip een avondmaal vol groenten te koken. Salade, boontjes met aardappelen en een artisjokkenomelet. Citroencreme als toetje. Wat een luxe!






zondag 15 februari 2026

Mijn Venezolaanse vrienden

In Bergà, waar ik sliep, kon ik weer gebruik maken van de Venezolaanse taxichauffeurs Luis en Disney (ja echt), die ik bij een eerdere tocht in de buurt al had leren kennen. Ik vind dat leuk. Praten over hallacas en Punto Fijo, en de relatie met Aruba.


















Voordat ik met Disney op weg ging naar Gironella heb ik eerst bij La Vienesa twee cortados gedronken met een croissant erbij. De hondjes wachtten buiten braaf tot hun baasjes klaar waren met hun ontbijt. Op straat lagen de resten van een losbandig leven (de Carnavalsviering van gisteren).

De wandeltocht was wederom erg mooi, vooral het eerste stuk vanuit Gironella in het intieme winterse dal van de Riera de Graugés. Daarna was het veel pista, maar erg afwisselend. Natuurlijk moesten toch weer ergens de schoenen uit, maar aangezien ik toch wel een pauze had verdiend was het niet erg.




























































In l' Espunyola heb ik bij Cal Parera een salade en crema catalana op, in afwachting van Luis die me weer naar Bergà bracht.