Ik ben dit blog ooit begonnen bij mijn eerste sabbatical in 2008 (Bolivia, Peru en GR11) en heb hier ook verslag gedaan van de 2000 km GR7 (2016). Voor de talloze kleinere tochten van 1-4 weken die ik jaarlijks doe, heb ik niets vastgelegd, en helaas ook niet van de bijzondere als de JMT en een stukje PCT. Ik gebruik dit weblog nu als ik de tocht de moeite vind. Recent was dat voor de Camí de Cavalls op Menorca (2024) en de laatste 650 km van de GR10, die van Valencia naar Lissabon (2025). Vanaf januari 2026 staat de GR1 op het programma: van Sant Martí de Empúries aan de Middellandse Zee naar Puerto de Tarna in de Picos de Europa.

donderdag 16 april 2026

Een heuse bergwandeling

Vanuit de Santuario de Codés had ik vandaag een heuse bergwandeling naar Santa Cruz de Campezo (Santikurutze Kanpezu), aan de andere kant van de Sierra de Codés. En steil dat het was! De klim omhoog (altijd lekker), maar ook een stuk van de afdaling door het beukenbos. Die ging me niet in de koude kleren zitten, vanwege een steil stuk met allemaal losse stenen, met een helling tot over 30%. Maar het was prachtig weer en ik had geweldige vergezichten, eerst vanaf het hoogste punt, even later op de Alto de San Cristobal en daarna lopend over de bergkam langs de grens tussen Navarra en Baskenland. Ik kon op dat pad op de kam goed zien waar ik gisteren gelopen had op weg naar de Santuario de Codés. Om 12.05 uur stapte ik bij de Portillo de Nazar daadwerkelijk Baskenland binnen en begon de echte afdaling.






























































Toen ik bijna in Santa Cruz de Campezo was heb ik de beste beslissing van de week genomen: ik ging eerst even lekker eten in het restaurant bij de Ermita de Ibernalo. De afdaling was me zwaar gevallen en ik was op dat punt van de beslissing echt goed gaar.  Het restaurant was iets van de route af en daarna moest ik nog 2,5 km. Maar ik was ook achteraf erg tevreden over mijn beslissing. Mooie plek, veel dichterbij dan het leek, leuk restaurantje en nog een gezellig praatje toe. Ik had er nog een zwaar hoofd in hoe het laatste stuk zou gaan met een glas wijn op, maar na de pauze was ik als herboren. Ongelooflijk! Daarbij had ik in Santa Cruz zelf nooit zo fijn kunnen eten, want het is een gat.